Altijd brandend vuur

Donna kijkt op haar horloge. Ze staat op, loopt naar de ingang van het gebouw en weer terug. Ze werkt toch nooit zo laat? Donna schudt haar hoofd, gaat weer zitten op het bankje en pakt haar telefoon. De berichten van Norman negeert ze, de berichten van Alex sust ze. Er is niets aan de hand, ze zal haar later bellen. Nu nog niet, ze moet dit doen.

Donna weet dat Janneke er niets van meent, misschien dat ze denkt van wel, maar zodra ze haar ziet zal ze weten dat ze zich heeft vergist.
Maar waarom duurt het zo lang? Janneke is altijd vroeg. Tenzij ze een etentje heeft of een training. Donna schudt haar hoofd. Nee, dan had ze haar al gehaast naar buiten zien komen. Ze zit hier al ruim twee uur. Als Janneke nog afspraken had na haar werk, dan had Donna haar al gezien.
Ze haalt het pakje sigaretten uit haar tas. Eigenlijk baalt ze ervan, maar sinds Norman bij haar komt, rookt ze weer. Het geeft haar een speciaal gevoel. De sigaret tussen haar slanke vingers, het kringelen van de rook. Het past bij haar sierlijkheid.
Norman had de as van zijn sigaret tussen haar borsten afgetikt. Ze had het geil gevonden. Het is ook dat gevoel. Sierlijk, sexy en geil. Janneke zal haar niet kunnen weerstaan.

De deuren gaan open, een aantal mensen komen naar buiten en Donna springt op als ze Janneke ziet. Ze wil naar haar toe hollen, bedenkt zich dan en gaat weer zitten. De parkeerplaats is achter haar, Janneke zal langs haar moeten lopen, en ze zal haar zien. Ze zal blij zijn om haar te zien.
Ontspannen leunt Donna achterover en ze slaat haar benen over elkaar. Langzaam neemt ze een trekje van haar sigaret. Niemand heeft haar ooit kunnen weerstaan.

Janneke ziet haar en zucht. Ze had kunnen weten dat het niet zomaar voorbij zou zijn voor Donna. Een klassiek voorbeeld van iemand pas gaan missen als de persoon er niet meer is. Janneke is er niet meer voor Donna. Niet om naar haar verhalen te luisteren en al helemaal niet meer om haar buien te sussen
Donna is als een vuur dat nooit uit gaat. Altijd brandend. Fel en heet. Aangenaam en prettig, tot je er te dicht bij komt. Janneke weet het nu. Ze heeft het altijd geweten. Ze heeft ook gedacht dat ze het zou kunnen veranderen. Nu weet ze dat Donna zich niet laat veranderen, hoeveel ze haar ook geeft. Het is nooit genoeg.

Terwijl ze haar jas dicht knoopt, loopt ze naar haar toe. Misschien dat het anders zou zijn als Donna niet wist dat ze een mooie vrouw was. Dat ze het wel weet geeft haar een arrogante uitstraling. Het is juist die uitstraling dat mensen zich vereerd voelen dat ze aandacht van haar krijgen. Janneke had het die eerste keer ook gevoeld. Donna komt over als een vrouw van de wereld. Een vrouw die alles al weet en alles gezien heeft. Ze ziet het aan de blikken van de mensen die langs haar lopen. Er wordt naar haar gekeken en Donna weet dat er naar haar gekeken wordt. Mensen zijn door haar geïmponeerd, precies zoals zij door Donna geïmponeerd was die eerste keer.

Voor Donna blijft ze staan.
‘Je rookt?’
Donna glimlacht, kijkt op naar Janneke. ‘Af en toe, het is lekker.’
‘Het is slecht voor je.’
‘Er zijn zoveel dingen slecht.’
Zoals Donna alles weg wuift, niets serieus neemt. Janneke vindt het vervelend dat ze hier nu zit.
‘Wat kom je doen Donna?’
‘Praten.’
‘We hoeven niet te praten. Ik heb gezegd wat ik wilde zeggen.’
Donna staat op. ‘Niet zo Janneke. We moeten nog praten, rustig, als de volwassen mensen die we zijn.’
‘Jij bent niet volwassen.’
‘Ik ben speels en dat heb je altijd geweten. ’
Janneke haalt haar autosleutels uit haar tas. ‘Ik heb al gezegd wat ik wilde zeggen.’
‘Maar ik niet. Toe, een drankje, misschien een hapje eten, om het echt af te sluiten.’

Donna ziet dat Janneke twijfelt en legt even haar hand op haar arm. ‘Wat wij hadden was mooi Janneke, dat weet jij ook, dat kan niet zomaar weg zijn.’
Het is wel weg en zoals Donna het zegt, dat is er nooit geweest. Janneke dacht dat het mooi was. In haar ogen was het mooier dan in die van Donna. Ze schudt de hand van haar arm.
‘Best, als het zo belangrijk voor je is. Ik wil me thuis even opfrissen, en alleen een drankje. De Korenbloem?’
Donna knikt, een beetje verstoord. Waarom alleen een drankje, en waarom opfrissen? Het gaat allemaal van haar tijd met Janneke af.
‘Ik kan met je mee, dan wacht ik terwijl jij je opfrist.’
Janneke loopt naar de parkeerplaats, draait zich half om. ‘Beter van niet. Ik zie je over een uurtje.’

Donna wacht tot Janneke is weggereden. Het is een begin, en beter dan niets. Wat drinken, een wijntje, twee wijntjes. Ze zag de twijfel in haar ogen en twijfel is goed. Het betekent dat Janneke niet zeker is en Donna kan daar voorzichtig op in spelen. Nog een drankje bij haar thuis, misschien wel bij Janneke, misschien zelfs wel …

Ze belt Alex, zegt haar dat haar afspraak langer duurt dan ze had gedacht. Ze zal haar bellen, als het lukt vanavond en anders morgen. Alex is tevreden, allang blij dat ze iets van Donna hoort.
Norman laat zich minder makkelijk af schepen.
‘Als jij het niet doet, doe ik het. We hadden een deal!’
‘Rustig, als ik dat niet voorzichtig aanpak dan kun je het helemaal vergeten.’
‘Waar ben je nu?’
‘Bezig.’
‘Met Alex? Mooi, hou me op de hoogte.’
Donna zet haar telefoon uit. Janneke gaat nu voor. Alex en Norman zullen moeten wachten en ze moeten haar niet storen als ze met Janneke is. Janneke zal met haar meegaan, Donna weet precies waar ze gevoelig voor is. Donna weet ook dat ze vanaf nu voorzichtiger zal moeten zijn, maar als ze het goed inkleedt?
Janneke zal het begrijpen. Ze kent Donna.

En Donna is Donna.

Show Buttons
Hide Buttons