Dansen voor de duivel

Het geredder om haar heen, de constante stroom van woorden, het zorgen. Donna irriteert zich mateloos. Ze zegt niet meer dat ze zich prima voelt en dat er niets met haar aan de hand is. Er is ook niets aan de hand. Ze hoeft geen soep, geen warme trui en al helemaal geen massage. Ze wil dat Alex haar met rust laat en dat ze stopt met haar gekakel. Ze wil dat ze ophoudt met haar gevis naar complimentjes en het gedraai van haar lijf.
‘Maar die opdracht, bij die begrafenisondernemer, dat is toch echt wat voor jou? Je zegt altijd dat het je gaat om mensen, wat jij op gezichten kan zien. Als je daar bent krijg je vast wel de kans om een paar mooie foto’s te maken, en die benefietavond van de gemeente, daar komt van alles op af.’
Donna knikt en bladert door het tijdschrift op haar schoot. Saaie opdrachten, maar met voldoende ruimte om ook haar eigen foto’s te maken.

Ze zou voor zichzelf moeten beginnen, een portfolio maken en op zoek gaan naar de echte opdrachten. Een lijkkist op de foto zetten, dat kan iedereen. Zij is beter dan dat. Donna is veel beter dan dat.

Ze heeft nooit eerder met de gedachte gespeeld zelf iets op te zetten, maar plotseling is het een zeer aanlokkelijk idee.
Weg van kantoor, waar ze iedere stap die ze buiten de deur zet, moet verantwoorden. Weg van het gesmoes rond het vertrek van Norman. Weg van Alex ook.
Ze kijkt naar het meisje. Wat ze voelt is apart. Er zijn momenten dat ze haar haat, diep en intens. Ze haat het dat ze haar afhankelijk heeft gemaakt en dat ze niet weet wat ze precies tegen de directeur heeft gezegd. Op andere momenten is ze zelfs een beetje bang voor haar. Bang voor haar donkere ogen en de boze blik. Ze is bang voor wat Alex nog zou kunnen zeggen. Die nacht, met Norman. Donna weet dat ze het meisje gebruikt hebben en dat ze haar overrompeld hebben. Alex liet alles gebeuren en Donna had het geil gevonden toen ze de donkere ogen zag smeken en de twinkeling er in soms verdween. Die macht had ze die nacht. Die macht heeft ze allang niet meer. En toch, ondanks de momenten van haat en angst, zijn er nog steeds momenten van hete begeerte. Naar Alex, en alle beloftes die ze nu in het hoofd van Donna plant. Donna weet dat Alex zich daarvan bewust is en dat ze het gebruikt op het moment dat ze even haar grip op Donna verliest. Donna laat zichzelf in die momenten meeslepen, zoals ze altijd heeft gedaan, ook nu haar irritatie de boventoon viert.

Met een zucht gooit ze het tijdschrift op de bank.
‘Laten we uitgaan. Ik verveel me.’
‘Je bent ziek.’
‘Voor de zoveelste keer, ik ben niet ziek. Ik heb alleen een vol hoofd. Ik wil andere mensen zien.’
‘Ik ben er toch?’
‘Ik wil dansen.’
De ogen van Alex worden weer donker. Het meisje bestudeert haar gezicht en na een paar tellen slaat Donna haar ogen neer. In dat donkere kan ze nooit lang kijken. Ook bij haar vader niet. Bij haar vader al helemaal niet. En het zijn de ogen van haar vader.
‘Je wilt niet alleen maar dansen.’
‘Ik wil nooit alleen maar dansen.’
Donna wil ook flirten. Andere ogen zien, andere bewondering. Ze wil voelen. Altijd meer voelen.
‘Nee.’
Nu kijkt ze Alex toch aan. Nee?’
‘Nee. Jij wilt niet alleen maar dansen. Je wilt uitdagen, lonken met je ogen en je lijf.’
‘Dus?’
‘Dat wil ik niet. En trouwens, we gaan morgenavond al uit.’
‘Jij wilt dat niet? Sinds wanneer wil jij dat niet? We gaan toch…’
Donna valt stil.
‘Gaan we morgen uit? Wat gaan we doen dan?’
Alex zucht. ‘Echt, soms vraag ik me af of je wel naar me luistert als ik je iets vertel. Er is morgen een presentatie. Die Noorse fotograaf geeft een presentatie op school. Iedereen praat erover, ook op kantoor. Er zal veel media op af komen. De kranten, misschien zelfs tv en erna is een groot feest. Daar kun je dansen.’
Donna herinnert zich het opgewonden geratel van Alex en haar gejubel over zijn foto’s. Ze had zich ervoor afgesloten. Alex vertelt zoveel. Ze haalt haar schouders op.
‘Ik wil vanavond uit.’
‘We gaan vanavond niet uit!’
Alex is opgestaan, kijkt op Donna neer, haar handen in haar zij. Haar buik steekt naar voren en haar borsten trillen door de onverwachte beweging.
‘Jij wilt altijd meer. Het is nooit genoeg! Ik doe alles voor je, echt alles en niet alleen hier. Je wilt de leukste opdrachten, de mooiste kleding. Ik zorg voor je, vrij met je, luister naar je. Het is gewoon nooit genoeg. Je bent gewoon een verwend nest, maar vanavond krijg je je zin niet. We blijven thuis hoor je, je blijft hier, bij mij en bij niemand anders!’

Donna ziet haar niet meer, hoort haar niet meer. Een verwend nest. Die woorden echoën in haar hoofd. Ze is geen verwend nest. Ze weet nu wat verwend is. Verwend is alles krijgen, maar nooit genoeg hebben. Donna krijgt niet alles. Ze is niet verwend En het is niet Baboe haar schuld.

Weer ziet ze haar vader, zijn strakke gezicht en de harde blik. Zijn boze woorden tegen haar kindermeisje. Hij had tegen haar geschreeuwd, en Baboe had gehuild. Donna had haar willen troosten zoals Baboe haar altijd kon troosten. Opgekruld op haar schoot, haar hoofd tegen haar borst terwijl ze zacht heen en weer schommelde en een liedje zong. Haar vader had haar tegen gehouden en naar haar kamer gestuurd. Huilend had ze uit het raam gekeken. Baboe ging weg en Baboe zou nooit meer terugkomen. De harde woorden van haar vader hadden het verraden.
‘Laat ik je hier nooit meer zien!’
Het dikke boek met de glanzende foto’s dat baboe haar had gegeven werd van haar afgepakt met de woorden dat ze een verwend nest is. Ook het boek heeft ze nooit meer gezien.

‘Wat is er? Heb je ineens niets meer te zeggen?’
Donna schudt haar hoofd.
‘Je hebt gelijk en als we morgen al uitgaan. Ik kan morgen dansen. Het spijt me.’
Meer woorden heeft Alex niet nodig om weer tevreden te zijn en ze laat zich naast Donna op de bank vallen.
‘Dat dacht ik ook… laten we een film kijken.’

Donna streelt haar schouders en kijkt naar de bewegende beelden zonder te zien waar ze naar kijkt.
‘Dansen doe je voor de duivel.’
Woorden van haar vader, zoals hij zoveel woorden had.
Harde woorden. Woorden die altijd een bepaalde vorm van dreiging in zich hadden en ervoor zorgden dat ze zich klein en onzichtbaar maakte.
Na Baboe kwam Mevrouw Tan. Iemand moest voor Donna zorgen. Haar moeder kon het niet. Haar moeder was zwak en lag soms dagen op bed. Mevrouw Tan was mager en lang, met niets van de zachtheid van baboe. Haar gele tanden stonden uit elkaar en scheef. Ze kon het prima met haar vader vinden en wist net zo goed hoe ze het dunne rietje moest gebruiken. Ook zij vond Donna een verwend nest.

‘Ik wil morgen dansen voor de duivel.’
Alex grinnikt.
‘Je danst toch altijd voor de duivel?’
Donna knikt zachtjes voor zich uit en glimlacht.

Dansen deed ze, wanneer niemand haar zag, in de stilte en eenzaamheid van de nacht. Ze imiteerde de bewegingen van de oudere meisjes op school en zag de ogen van alle andere meisjes. Vol bewondering. Ze waren er voor haar. Eerst alleen de meisjes, later ook de jongens. Kinderen nog.
Met behulp van stukjes touw en elastiekjes wist ze haar kleding uitdagend te maken, gebruik makend van haar ontluikende vormen. Ze leerde hoe ze moest praten en lachen om de aandacht vast te houden, hoe ze mensen om haar vingers kon winden. Ze werd populair en ze leerde wat het was om gezien te worden, om aangeraakt te worden ook.
Onder het dak van haar vader bleef ze klein, onzichtbaar. Haar kleding vormloos, haar gezicht zonder de laag make-up. Ze danste, stiekem, voor de duivel. En hij danste met haar mee. Hij danst nog steeds met haar mee.

Show Buttons
Hide Buttons