Bezinning

De stilte maakt Wouter onzeker. Soumia heeft niet gereageerd op zijn laatste mail. Dat hij niet weet wanneer hij haar gaat zien doet iets geks in zijn lijf.
Hun laatste ontmoeting was bijzonder. Voor hem in elk geval. Hij wil weten of dat voor haar ook zo is. Dat ze niet antwoord op zijn voorstellen voor een volgende ontmoeting kwetst hem een beetje.
Hij weet niet goed hoe hij het gevoel moet uitleggen dat over hem heen spoelde toen hij aan haar voeten op de grond lag. Zijn polsen aan zijn enkels gebonden.
Hij is eerder geil geweest en dat had meestal hele andere oorzaken. Een mooi lijf, stevige borsten, ronde billen, een warme mond. De pornofilmpjes die hij graag mag bekijken. Hij was nog niet eerder zo geil.
Toen ze weg was en hij haar glas had leeggedronken, had hij zich afgetrokken, zittend op zijn knieën, op de plek waar hij eerder nog had gelegen. Zijn ogen dicht en haar stem in zijn hoofd. Hij was snel gekomen, heel snel. Over zijn hand en een beetje op het laminaat. Hij had het laten liggen en pas de volgende ochtend opgeruimd. Toen had hij ook pas het vloerkleed weer teruggelegd en de tafel op zijn plek gezet. Nu wacht hij, tot ze iets van zich laat horen. Het is gek dat hij haar niet durft te bellen.

Soumia rijdt terug. Ze heeft gewacht tot Fleur in slaap was gevallen. Tevreden en rozig. Ze blijft nooit slapen. Hoe graag Fleur het ook wil. Vanaf het begin is ze daar duidelijk over geweest. Ze geeft Fleur wat de vrouw wil en wat ze nodig heeft. De pijn, de vernedering, soms de ontlading van een orgasme. Als ze heel graag wil, en als ze het haar op de juiste manier vraagt.
Nu is daar de verliefdheid van Fleur en Soumia vraagt zich af of ze dat kan gebruiken in hun spel. Als ze dat op de goede manier en op het goede moment doet, dan zal Fleur er gevoelig voor zijn, zal het voor haar werken. En als het voor Fleur werkt, werkt het ook voor Soumia.
Voor het stoplicht tikt ze snel een berichtje. Fleur zal het zien als ze wakker wordt. En ze zal haar antwoorden.

Weer thuis steekt ze de kaarsen aan en brandt ze wierook. Ze leest de mail van Wouter met zijn voorstel. Hij wil een oppas voor zijn kinderen regelen en naar haar toe komen. Ze wenst hem een fijn weekend met zijn dochters.
Haar broer Adnan vraagt haar of ze volgende week met hem meegaat naar een bijeenkomst. Ze checkt haar agenda, stuurt terug dat ze graag meegaat. Wouter zal nog even geduld moeten hebben.
Voor de spiegel in haar slaapkamer kleedt ze zich uit. De haakjes van het korset maakt ze voorzichtig los en ze stapt uit haar schoenen en broek. Zonder haast ruimt ze haar spullen op. Uit de kist onder in haar kledingkast haalt ze een korte, gevlochten zweep. Ze zal moeten bedenken welke ze aan Wouter geeft, zodat hij vast aan het idee kan wennen. Deze houdt ze zelf. Het handvat is prettig en geeft een goede grip.
Naakt loopt ze naar de woonkamer. Ze zet de twee grote, zilveren kandelaars met donkerpaarse kaarsen op grond en gaat er geknield tussen zitten. Haar billen op haar hielen. Ze trekt even aan het leer van de zweep en doet haar ogen dicht. Ze denkt aan de striemen op de huid van Fleur. Het geluid dat de klappen maakte.
Diep ademt ze in en ze slaat haar ogen op naar de crucifix aan de witte muur tegenover haar. Met een vloeiende beweging van haar pols laat ze de zweep gaan. Het suist langs haar linkeroor en het leer komt scherp op de huid van haar rug terecht, laat een nieuwe, brandende striem achter tussen de striemen die alweer geheeld zijn. Lichtroze en wit. De nieuwe striemen zullen daartussen fel oplichten.

Show Buttons
Hide Buttons