Hunkering.

Geïrriteerd gooit Wouter de hoorn terug op het toestel en met grote passen loopt hij naar de kamer van zijn assistente.
‘Ik heb je nodig, nu meteen.’
Met opgetrokken wenkbrauwen kijkt de vrouw hem aan.
‘Pardon?’
‘Nu zei ik toch? Er is haast bij.’
Hij verdwijnt weer in zijn kantoor en laat de vrouw verbaast achter. Dit is ze niet van hem gewend. Niet dat er haast bij is en zeker niet de toon waarop hij tegen haar praat. Ze vindt het niet prettig.
Met een zucht staat ze op. Misschien waren die eerste maanden een farce. Een houding die hij zich aannam om haar en de rest van het personeel mee te krijgen. Haar vorige directeur was een norse, bijna autoritaire man. De eerste maanden met Wouter waren dan ook een verademing. Geen haastklussen meer. Geen opdrachten die op het laatste moment op haar bureau werden gelegd en nooit meer het gevoel dat ze werd behandeld als een nummer en dat ze ieder moment vervangen kon worden. Wouter is geïnteresseerd in haar als persoon en vraagt altijd hoe haar weekend is geweest. Vanmorgen vroeg hij het niet.

Wouter is het zat. Al weken zit hij op dat financieel rapport te wachten en uren heeft hij met zijn contactpersoon om de tafel gezeten. Nu blijkt de man voor een week naar het buitenland. Zonder contactgegevens en zonder plaatsvervanger.
De afspraak was binnen zes weken, inmiddels zijn er bijna negen verstreken en Wouter kan niets ondernemen zonder dat rapport.

Ongeduldig dicteert hij de brief aan zijn assistente en hij geeft haar de opdracht hem vandaag nog aangetekend weg te sturen. Haar grote ogen negeert hij, haar verwarring ook. Soms is het nodig om even te laten zien wie de baas is.
Hij kijkt haar na als ze terug loopt naar haar bureau. Misschien moet hij haar later deze week vragen of ze wat met hem wil drinken. Het is een aantrekkelijke vrouw en hij weet dat ze hem mag. Hij heeft het eerder gedaan en meestal liep het uit op een teleurstelling, maar voor hem heeft dat een zakelijke houding nooit in de weg gezeten. Hij vraagt zich af of dat voor Louisa ook zo is

Een kort piepje van zijn mobiel vertelt hem dat hij een berichtje heeft. Het is van Soumia.
‘Vanavond, ik ben tegen negen uur bij je. Denk aan wat ik je gezegd heb.’
Ze heeft zoveel gezegd, geëist en bepaald. Ze kan hem wat. Hij is er ook nog. Deze relatie is er niet alleen voor haar. Hij heeft ook wensen en verlangens die zich al weken in zijn lijf opstapelen. Hij hunkert naar haar lichaam, zo extreem dat het soms pijn doet. Als ze vanavond komt dan wil hij haar bezitten, zonder de spelletjes die ze met hem speelt en zo niet …
Eens zien wat ze er van vindt als hij Louise vraagt, haar mee naar huis neemt en met haar naar bed gaat.

Soumia heeft de zoveelste mail van Wouter met donkere ogen gelezen. Ze weet dat zijn verlangen verandert zodra ze bij hem is en doet wat ze doet, maar hoe langer de tijd tussen twee ontmoetingen, hoe dwingender hij wordt. Hij verliest daarmee de essentie van hun contact uit het oog en ook de rol die zij daarin heeft. Ze is niet van plan die rol los te laten, vooral niet nu haar contact met Fleur op een laag pitje staat. Ook zij heeft het nodig, net zo hard als Wouter, al beseft hij zelf nog niet hoe hard. Soumia realiseert zich heel goed dat het donkere dat bezit van haar kan nemen, voeding is voor haar sadisme. Waar Wouter hunkert naar haar lichaam, een lichaam, zo hunkert zij naar het geven van pijn en vernedering. Is ze daar tijdelijk los van, dan bouwt het verlangen zich op en wordt haar hoofd donker, zoals nu en de dwingende mailtjes van Wouter maken haar nog donkerder.
Ze weet dat het deels met Fleur te maken heeft en met de tijdelijke afstand die zij haar heeft opgelegd. Soumia maakt zich zorgen om Fleur en ze vraagt zich af of ze in dit geval de plank heeft mis geslagen.
Ze zal het Fleur nooit laten blijken, maar ergens is ze in haar teleurgesteld. Soumia dacht dat ze sterker zou zijn. Ze verwacht ook dat ze sterker is. Dat dit niet zo is, maakt dat ze haar wil straffen en dat is precies wat ze nu niet kan doen. Niet zolang Fleur voor zichzelf geen duidelijkheid heeft.
Soumia voelt dat het invloed heeft op hoe ze vanavond met Wouter om zal gaan.

Ze stort zich op haar werk en de organisatie van het evenement dat begin volgend jaar gepland staat. Haar dag is gevuld met ontmoetingen van mogelijke sponsoren en aan het eind van de dag neemt ze haar administratie mee naar huis. Het zware in haar hoofd maakt dat ze zaken moeilijk uit handen kan geven.
Ze belt Fleur en luistert naar haar twijfels en zorgen. Meer kan Soumia nu niet doen. De rest moet ze zelf doen en onmerkbaar voor Fleur groeit haar ongeduld.
Soumia verlangt naar het gevoel van de zweep in haar hand. Ze verlangt naar rode striemen op blanke huid en kreten van pijn. Ze verlangt er naar neer te kijken op een gebogen hoofd en ze kijkt hunkerend uit naar het moment dat ze haar perverse lusten op Wouter los kan laten. Ze kan nu al genieten van de tijdelijke verlossing die het haar zal geven.

Show Buttons
Hide Buttons