Bijna telt niet

Raymond voelt zich groter worden onder de woorden van zijn manager. Het is precies wat hij nodig heeft. Lovende woorden, omdat hij een grote klant binnen heeft gehaald. Anderen zouden een voorbeeld aan hem kunnen nemen. Niet dat anderen de woorden kunnen horen, maar dat vindt hij niet belangrijk. Hij hoort ze en hij zal het zien op zijn salarisstrook.
Geen woord meer over zijn zwakkere prestaties van eerder dit jaar, over het feit dat hij deze grote klant bijna was kwijtgeraakt. Bijna telt niet, wat telt is dat wat hij gepresteerd heeft.

Met grote stappen loopt hij naar buiten. Het is koud, maar de zon schijnt nog. Een mooie dag, zoals het moet zijn op een dag als deze en het is nog vroeg. Valerie zal tevreden zijn dat hij vroeg thuis is.
Heel even dreigen de donkere wolken in zijn hoofd zijn stemming te verjagen. Valerie die koeltjes is sinds het bezoek van Wouter en Louisa.
Hij schudt zijn hoofd. Nee, vandaag kan niets zijn stemming verdrijven. Ook de kille houding van Valerie niet. Hij zal het met haar vieren. Ze gaan uit eten, Femke en Milan ook. Hij zal ook bloemen voor haar meebrengen en een goede wijn. Ze zal ontdooien. Hij weet dat Valerie lang boos kan blijven, maar hij weet ook dat ze luxe niet kan weerstaan.

Thuis hangen Femke en Milan voor de tv. Valerie maakt de servieskast schoon. Op de eettafel staan twee grote kartonnen dozen. Ze hoort hem niet binnen komen. Femke veert op van de bank. ‘Papa!’
Valerie kijkt verstoord op de klok. Waarom is hij zo achterlijk vroeg. Het is nog geen vier uur. Ze had klaar willen zijn als hij thuis kwam.
Raymond geeft haar een zoen, dan de bloemen. Roze met wit, een gemengd boeket. Dure bloemen.
‘Wat ben je aan het doen?’
‘Ruimen, dat zie je toch?’
‘Zin om uit eten te gaan vanavond?’
Femke en Milan gillen van wel. Valerie schudt haar hoofd.
‘Ik wil dit af maken en die dozen moeten naar Zoë.’
‘Je kunt het morgen afmaken, dan breng ik de dozen weg. Wat zit er in?’
‘Het oude serviesgoed.’
Raymond kijkt in de kast. ‘Is dat nieuw?’
‘Ja, dat zie je toch?’
Raymond ziet geen verschil. Het is wit, net als het vorige. Borden om van te eten, meer niet.
‘Kom op Val.’ Hij duwt een document onder haar neus. ‘Mijn bonus en dat is nog buiten mijn eindejaarsbonus. Ik wil jullie mee uit nemen.’
Ze schudt haar hoofd en doet de kast dicht. ‘Ik heb geen zin om uit te gaan. Neem Femke en Milan maar mee, er draait vast wel een leuke film ergens en ze zeuren al weken om de mac.’
Hij wil dat ze mee gaat. Een keer met zijn vieren uit. Naar een echt restaurant. Femke en Milan zijn nog nooit naar een echt restaurant geweest. Valerie vindt restaurants niets voor kinderen.
‘Jezus Val, je kan toch gewoon blij voor me zijn, ik wil met jullie uit.’
‘En ik heb geen zin.’
Ze kijkt naar Femke en Milan. ‘Willen jullie naar de film met je vader, naar de mac?’
Ze juichen, Milan springt op de bank. Valerie kijkt hem streng aan, hij springt er weer van af.
‘Zie? Ze kunnen niet wachten.’
Raymond kijkt haar aan en haalt dan zijn schouders op.
‘Wat jij wilt. Blijf jij maar hier, gezellig met je nieuwe servies.’
‘Dat is precies wat ik van plan ben.’
‘Dat is duidelijk ja. Kom jongens, jassen aan. We gaan wat leuks doen.’
‘Zorg dat ze niet te veel snoepen.’
‘Ze mogen eten wat ze willen.’

Valerie ruimt op en zet de dozen in de garage. Ze heeft geen zin om naar Zoë te gaan. Niet vandaag. Morgen. Raymond mag de kinderen naar hun sportclubs brengen. Hij wil zo graag wat leuks doen? Dan gaat hij de minder leuke dingen ook maar doen.
Ze kijkt in de koelkast, eet wat koude kip en schenkt een glas wijn in. Ze hoeft niks. Niet te koken, geen kinderen onder de douche te zetten. Dat mag Raymond ook doen.
Hij heeft geen flauw idee hoe hij haar voor schut heeft gezet. De opmerking die hij maakte, die klant van hem, die vrouw. Ze kent ze niet. Ze hoeft ze ook niet te kennen, maar ze had hun gezichten gezien.
‘Waarom lach je zo raar Val?’
De woorden klinken nog in haar hoofd en weer voelt ze haar gezicht rood worden. De boze knoop in haar buik, het getintel in haar handen. Hij heeft haar nog nooit eerder zo voor schut gezet. Hij had wat lacherig over Wouter en Louisa gepraat toen ze weg waren. Hun relatie. Directeur en secretaresse. Het was duidelijk.
Valerie had Louisa een leuke vrouw gevonden, open en ze was geïnteresseerd geweest. Van Wouter was ze een beetje onder de indruk. Een aantrekkelijke man, lang en slank. De manier waarop ze naar elkaar keken. De manier waarop hij naar Louisa keek, de dingen die hij tegen haar zei. Hij zorgde voor haar, zijn opmerking toen ze terugkwam van het toilet. Raymond zou zoiets niet zeggen. Hij zou het niet eens zien. Raymond zou haar rustig met haar blouse uit haar rok laten lopen. Hij zegt dat ze er mooi uitziet, maar haar haren maakten haar oud, haar lachje was raar. Het is hoe ze lacht en zelfs dat weet hij niet.
Het was een domper op haar avond. Ze was zich op haar gemak gaan voelen. Blij voor Raymond, blij dat hij deze klant had binnen gehaald. Ze kon zelfs weer een beetje trots naar hem kijken. Bijna.
Maar bijna telt niet.

Femke houdt zijn hand vast. Milan rent voor ze uit, komt weer terug.
‘Waar gaan we naar toe papa?’
Raymond wil niet naar de film en ook niet naar de mac. Het is wat Valerie heeft bedacht. Het was niet zijn plan voor deze avond. Zijn kinderen willen wel naar de film en naar de mac.
Er draaien geen geschikte films. Niet vanavond. Genoeg films waar hij met Valerie naar toe had kunnen gaan. Geen films voor Femke en Milan.
Femke trekt aan zijn hand. ‘Ik heb het koud papa.’
Het is ook koud. Eerder vanmiddag voelde hij het niet. Het gevoel in zijn borst had hem warm gemaakt, het idee dat Valerie zou ontdooien ook. Valerie maakt liever schoon, koopt liever spullen die ze niet nodig hebben. Nieuw servies. Waarom? Er was niets mis met het servies wat ze hadden. Het was een huwelijkscadeau. Een servies hoor je te gebruiken. En het hoort jaren mee te gaan.
Hij ziet haar weer zitten in de roze blouse en met haar haren omhoog. De schittering in haar ogen als ze naar Wouter keek. Niet alleen haar lachje was anders geweest. Zij was ook anders geweest. Hoe ze zich bewoog, haar maniertjes, de manier waarop ze van haar wijn dronk, haar ogen over het glas. Ze was niet zijn Valerie geweest. Ze had zichzelf bedacht. Zoals ze dacht dat een man als Wouter interessant zou vinden. Ze wilde dat hij haar interessant vond, naar haar zou kijken met een blik van begeerte. Zoals hij naar Louisa keek. Is dat wat ze wil? Begeerd worden door andere mannen. Is ze daarom zo anders?
‘Kom, de winkels zijn vanavond open. Jullie mogen wat leuks uitzoeken, alvast een beetje voor kerst.’
Femke vraagt wat een bonus is en hij legt het uit. Vertelt dat hij goed zijn best heeft gedaan en dat hij dan een extraatje krijgt. Een beloning. Femke knikt.
‘Net als op school, dan mag je wat uit de mand zoeken. Dat is ook een bonus.’

In de speelgoedwinkel kunnen ze allebei niet kiezen en Raymond merkt dat hij zijn geduld begint te verliezen.
Uiteindelijk wil Milan een nieuw spel voor zijn spelcomputer. Femke zeurt om een lamp met glitters, en een tasje met kleine make-up. Raymond vindt het te duur voor zomaar tussendoor. Het moest een kleinigheidje zijn, iets leuks.
‘Van mama mag het wel.’
Raymond betwijfelt het. Hij koopt nooit cadeautjes. Dat is Valerie haar afdeling. Hij heeft geen flauw idee wat zijn kinderen echt leuk vinden. Hij vraagt het niet. Valerie zegt hem wat hij moet kopen. Ze vertelt hem wanneer het tijd is voor de kapper, bepaalt welke kleuren zijn overhemden hebben. Wat hij de kinderen geeft, en wat niet. Wat hij eet en wat niet? Of ze praten, of ze vrijen. Hoe ze het doen, wanneer. Ze regelt zijn leven zoals ze het leven van Femke en Milan regelt en ondertussen denkt ze aan andere mannen, laat ze de verhalen die Zoë haar vertelt in haar hoofd spelen.
Ze behandelt hem als een klein kind, alsof hij zijn eigen beslissingen niet kan nemen. Alsof hij geen behoeftes heeft.
Hij koopt het spel, de lamp en het tasje.
Hij gaat wat met ze drinken in een grand café. Luxe stoelen en banken, mooie verlichting. Koffie en warme chocolademelk, met slagroom.
Femke wil naar huis. Ze wil met haar make-up spelen, Milan met zijn spel.
‘We gaan nog naar de mac, dan gaan we naar huis.’
Twee happy meals. Voor hem een grote beker frisdrank, een groot menu met twee extra hamburgers. Femke en Milan krijgen ruzie, gooien de frisdrank om. Over zijn pak, zijn schoenen. Het personeel is behulpzaam. Raymond verliest zijn geduld.
Hij moet een leuke avond kunnen hebben met zijn kinderen. Als Valerie niet zo moeilijk had gedaan. Als zij niet over een film en de mac was begonnen. Hij had een leuke avond kunnen hebben. Met haar en met zijn kinderen. Bijna.
Maar bijna telt niet.

Show Buttons
Hide Buttons