Anders dan alle andere keren

Valerie laadt de dozen weer in haar auto. Nu is het de schuld van Zoë. Door haar komt het gevoel weer terug, knagend. Ontevreden, onbegrepen. Het neemt de ontspanning die over haar heen was gevallen langzaam weg. Ze probeert het vast te houden en denkt aan de afgelopen uren, aan vannacht.

Zo boos als Raymond was. Zijn harde stem. Zijn harde handen ook.
Op haar bovenarmen ziet ze de afdruk van zijn vingers. Lichtblauw. Iemand die het niet weet ziet het niet. Valerie ziet het wel.
Zijn hand op haar mond, de fluisterende woorden in haar oor. Hoe hij bijna vanzelf in haar gleed en in haar bewoog. Anders dan alle andere keren.
Ze was nat geweest. Natter dan nat. Ze had het tussen haar billen gevoeld als hij zich terugtrok. Hij had het gezegd, was sneller gegaan en ze was klaargekomen. Anders dan alle andere keren. Een tweede keer omdat hij onvermoeibaar door ging en uiteindelijk in haar leegliep wat haar nog natter maakte.
De slaap kwam snel en was diep. Ze had het zachte gesnurk van Raymond niet meer gehoord. Hij was al uit bed toen ze wakker werd.

Femke en Milan zaten in pyjama aan het ontbijt. Raymond met koffie en de krant.
Hij had haar aangekeken. Ze was verlegen geworden.
Ze verschool zich achter haar gebruikelijke routine. Een snelle boterham, Femke en Milan in hun kleren. Hij had haar in het bijzijn van de kinderen over haar billen gestreeld. Ze had er iets van willen zeggen, dacht weer aan zijn woorden en hield haar mond. Haar gezicht werd warm. Anders dan alle andere keren.

‘Je wilde naar Zoë toch? Ik breng Femke wel naar Atletiek. Moeten er nog boodschappen gedaan worden?’
Ze had de boodschappen al gedaan en vanmiddag wilde ze de kerstboom optuigen. Misschien ook nog hardlopen. Ze heeft Adnan al even niet gezien. Hij zei dat zijn hoofd een beetje overliep. Ze wil weten hoe het met hem gaat, of hij misschien iets nodig heeft. Of hij en Naomi misschien iets nodig hebben.
Daar zijn vrienden toch voor?
Ze had er niets over tegen Raymond gezegd. Het zou de sfeer meteen veranderen.

Nu was de sfeer toch veranderd. Bij haar zelf. Ze moppert op Zoë en noemt haar ondankbaar. Zoë had het servies kunnen verkopen. Het was een duur servies. Ze had het gecheckt toen zij en Raymond het gekregen hadden. Zoë had er best wel wat voor kunnen vragen.
Het past niet in haar winkel. Onzin. Zoë is niet in de positie om iets te weigeren. Valerie weet dat ze het redt, maar ze houdt niets over. Geen geld voor extraatjes, geen vakanties.
Zoë zou haar dankbaar moeten zijn.
Ze gaat ook niet meer terug. De dozen met haar oude kerstversiering heeft ze in het keukentje gezet, die kan ze houden, maar ze gaat niet terug. Zoë mist haar toch niet. Die is veel te druk met haar eigen dingen. Haar klanten. Een nieuwe liefde. Zoë heeft er niets over gezegd, maar Valerie weet dat het zo is.
Het servies brengt ze naar de kringloop. Een grote hal gevuld met spullen die mensen niet meer willen hebben. Kleding, meubels, boeken. Eigenlijk niet heel anders dan wat Zoë doet en hier zijn ze een stuk minder kieskeurig. Valerie koopt er helemaal niets voor, maar hier zijn ze haar in elk geval dankbaar.

Raymond zit op één van de smalle banken en drinkt smakeloze koffie uit een kartonnen bekertje. Hij kijkt naar de rondrennende kinderen, spelende kinderen en onoplettend naar andere ouders. Dit is de wereld van Valerie. Hij ziet ogen die observerend en soms vragend kijken. Femke zwaait. Hij zwaait terug. Plotseling weten de ogen. Ah, de vader van Femke. De man van Valerie.

Hij zoekt geen contact, maakt geen praatje. Hij weet dat Valerie dat wel doet. Terwijl de kinderen trainen, maakt ze praatjes met de andere moeders en vaders. Raymond kijkt naar Femke en drinkt van zijn smakeloze koffie.

Het gezicht van Valerie, onder hem. Haar lichaam, onder dat van hem. Haar ogen waren groot en werden groter toen hij zijn hand over haar mond had gelegd. Het was zoals hij fluisterend tegen haar zei. Nemen wat van hem is. Hij had haar genomen. Geen voorspel, niet eens een zoen. Gewoon haar benen uit elkaar, slip aan de kant en hij gleed in haar. Ze was nat geweest en geil. Anders dan andere keren. Hij was ook geil, maar vooral boos. Toen hij haar bij haar polsen had gepakt en voor de deur ging staan had hij verbaasd zijn erectie gevoeld. Een erectie die groeide op het ritme van haar stekende woorden. De waas die bezit van zijn hoofd nam en zich door zijn lichaam verspreide. Toen was hij ook boos geweest, maar vooral geil.
Haar ogen toen hij op haar ging zitten. Het gevoel van haar handen tegen zijn borst, haar bewegingen. Het had hem alleen maar geiler gemaakt en hij wist dat haar nee geen nee was. Geen echte nee. Ze wilde dat hij het deed. En hij had gedaan. Omdat hij het kon. Niemand anders, alleen hij en alleen bij Valerie, maar hij kon het doen. Omdat ze zijn vrouw was, hij haar man.
Leeg en bezweet had hij op zijn rug gelegen. Haar stem dreigde het moment te verjagen. Ze hield haar mond toen hij dat vroeg. Hij voelde zich voldaan, bevredigd en vreselijk mannelijk. Anders dan alle andere keren.

Valerie is druk in de keuken en het huis staat vol dozen met kerstversiering. Raymond hielp haar, maar bij Valerie was het verdwenen. De roes die hij vanmorgen nog bij haar had gezien, haar verlegenheid. Het was weg. Niet bij hem en juist door haar hele houding wordt het gevoel sterker.
‘Ik doe de boom, met Milan en Femke. Kom jongens, we gaan nog wat kerstversiering halen.’
‘Ik heb gehaald, er is genoeg. Alles nieuw.’
‘Ik ga nog meer halen en dit jaar wil ik een echte boom. Gaan jullie mee?’
Femke en Milan staan al bij de deur. Valerie wil hem achterna gaan, ziet zijn ogen en blijft vertwijfelt staan. Hij heeft de dozen gezien. Vervanging voor de versiering die ze aan Zoë heeft gegeven. Wat is er mis met de versiering die zij heeft gehaald.

Raymond trommelt zacht met zijn vingers op het stuur. Geen roze dit jaar. Geen boom met elk takje op zijn plek en elke bal op de juiste afstand van de vorige. Hij wil een echte boom, met kluit. Hij wil kunnen ruiken dat het kerst is. Geen nepgeur uit een spuitbus of van kaarsjes met dennengeur. Hij wil een grote boom. De grootste.
In het grote warenhuis laat hij Femke en Milan kiezen. Ballen in de vorm van paddenstoelen, vogels met hoge hakken, engeltjes met muziekinstrumenten. Femke wil gekleurde lichtjes, hij koopt gekleurde lichtjes. Milan ziet een doos met autootjes, ook voor in de boom. Groen, rood, blauw. Raymond koopt de doos. Engelenhaar, Femke wil het hebben, Raymond koopt het engelenhaar. Slingers in felle kleuren. Eetbare kerstkransjes en zuurstokken. Vilten sokken. De kar is vol en Femke klapt in haar handen.
‘Nu wordt het pas echt kerst!’

Thuis loopt Valerie zenuwachtig om ze heen. Wat hebben ze allemaal gekocht? Ze ziet het kleurenpallet.
‘Dat past toch helemaal niet Ray?’
‘Femke en Milan vinden het leuk, toch jongens? Doe jij de andere boom, in de woonkamer. Wij doen deze.’
De enorme boom verspreidt een spoor van naalden door het huis. De gekleurde lampjes gaan knipperend aan. Valerie ziet zuurstokken, glimmende vogels in schreeuwende kleuren. Spuitsneeuw en engelenhaar. Alles waar ze altijd een hekel aan heeft gehad.
‘We gaan toch zeker geen twee bomen neerzetten?’
‘Wat je wilt, maar deze boom komt hier.’
Ze loopt naar boven en kijkt neer op Raymond en haar kinderen. Drie kleine kinderen. Enthousiast en vrolijk. Met afgrijzen ziet ze de boom voller worden. Alsof de regenboog eroverheen gekotst heeft. Stijlloos en totaal niet elegant. Valerie is altijd trots op haar huis met kerst. Nog meer dan ze anders is. Deze boom valt compleet uit de toon bij al haar andere versieringen, bij al haar ideeën.
Ze loopt naar de slaapkamer en trekt haar hardloopkleren aan.
Het komt door vannacht. Vannacht heeft ze Raymond de baas laten zijn, nu denkt hij meteen dat hij alles kan bepalen..
Langzaam loopt ze naar beneden, Raymond kijkt haar met een brede lach aan.
‘Wat ga je doen Val?’
‘Even een rondje lopen, ik ben met een uurtje terug.’
Raymond knikt. ‘Veel plezier en doe de groeten aan Adnan.’
Ze doet de deur achter zich dicht. Tranen prikken achter haar ogen en ze schudt boos haar hoofd. Ze stelt zich aan. Ze weet dat ze zich aan stelt. Ze zou blij moeten zijn. Raymond laat eindelijk zien dat hij … Hij heeft eindelijk laten zien dat hij …
Ja wat eigenlijk? Wat heeft hij haar eigenlijk laten zien? Wat probeert hij haar nu te bewijzen? Waarom probeert hij haar iets te bewijzen. Hij is haar man. Geen klant waar hij indruk op hoeft te maken.
Nog een keer schudt ze haar hoofd. Ze gaat niet naar Adnan. Adnan heeft haar ook niet nodig. Eigenlijk heeft niemand haar nodig.
Het zal niet haar kerst worden dit jaar. Het zal anders zijn. Anders dan alle andere keren.

Show Buttons
Hide Buttons