Voelen wat ze niet kent

Valerie zat de hele weg naar huis te huilen en huilt nog steeds. Raymond haalt zijn handen langs zijn ogen. Hij had niet moeten rijden.  De wijn maakt dat zijn woede nog heter in zijn borst borrelt. Hij rijdt nooit als hij gedronken heeft. Valerie had niet moeten drinken. Ze drinkt sowieso teveel en ze blijft maar huilen.
‘Jemig Val, kom op, haal even diep adem. Je bent dronken, je ziet het allemaal niet helder.’
‘Ik ben niet dronken!’
Ze weert zijn handen af. Zijn gepraat in de auto. Over Zoë, dingen die ze hem heeft verteld met kerst. Dat Valerie het hem had moeten zeggen, dat hij het nu snapt. De ruzie’s en haar vreemde verlangen. Hoe ze hem probeert uit te dagen. Hij snapt het nu, maar ze hebben dat niet nodig. Zoë heeft een slechte invloed op haar. Valerie is zichzelf niet.
Hoe kan hij dat weten? Ze weet zelf niet eens meer wie ze is en ze weet al helemaal niet wat ze nodig heeft.
‘Ik ga naar bed.’
‘Niet zo Valerie, we moeten praten.’
‘Er zal weinig zinnigs uitkomen als ik dronken ben, welterusten.’
Ze loopt naar boven. Het doet pijn dat Zoë Raymond wel in vertrouwen heeft genomen, maar haar niet. Die man en die vrouw …
Een driehoeksverhouding en die man is net als de vorige. Hij doet dingen met Zoë en laat haar dingen doen, ook met anderen.
Valerie is vergeten dat het haar verhaal is. Haar leugen zodat Raymond er niet achter zal komen. Zoë …
Raymond heeft gelijk dat ze een probleem heeft. Ze is nooit zo geweest. Zoë was altijd voorzichtig. Altijd degene die Valerie behoedde voor haar impulsiviteit. Vanaf dat ze jong waren. Zoë is altijd de verstandige geweest…
Ze kleedt zich uit en gaat zonder haar gezicht schoon te maken in bed liggen. Raymond wil niet dat ze Zoë nog ziet. Ze zijn uit elkaar gegroeid. Een vriendschap die de volwassenheid niet heeft overleefd. Ze gingen allebei een andere kant op.
Zoë heeft haar nodig, zeker nu. Die man …
Sinds wanneer denkt Raymond dat hij haar kan vertellen wat ze wel niet moet doen? Ze is Zoë niet en ze wil al helemaal niet wat Zoë heeft.
Raymond moet niet denken dat hij maar iets over haar te zeggen heeft. Ze bepaalt zelf met wie ze omgaat en met wie niet. Zoë heeft haar nodig.

Ze hoort Raymond en knijpt haar ogen dicht. De deur van de slaapkamer gaat piepend open, het matras zakt in onder zijn gewicht.
‘Kom op Val, ik weet dat je niet slaapt. Laten we het leuk houden.’
Ze schokt met haar schouders en hij legt zijn hand erop.
‘Wat Zoë doet, mag niet tussen ons in gaan staan. Jij en ik, dat is wat telt. Je hebt haar niet nodig, de verhalen die ze je vertelt ook niet.’
‘Jij vertelt het, Zoë heeft mij niets verteld. Ze heeft jou in vertrouwen genomen, niet mij.’
Raymond reageert geïrriteerd. ‘Dat blijf je zeggen, maar ik geloof je niet. Je deelt niets met mij, je sluit jezelf op en wat je van mij wilt … Dat heb je nooit gewild. Dat komt ergens vandaan en niet vanuit jezelf. Daar ben je nooit mee bezig geweest. Jouw wereld is klein, je komt nergens. Zoë laat jou een andere wereld zien. Ongeremde lust, liefdeloos en met wie maar wil. Dat is haar wereld, niet die van jou. Je hebt altijd genoeg gehad aan mij, aan ons en ons gezin.’
Valerie gaat rechtop zitten en kijkt hem met donkere ogen aan.
‘Eigenlijk zeg je dus dat ik een beetje dom ben, simpel en eigenlijk wil je dat graag zo houden.’
‘Dat zeg ik niet.’
‘Dat zeg je wel en het komt je goed uit. Jouw vrouwtje, een beetje simpel, geen verlangens die buiten jou om gaan. Ze zorgt voor jou en voor je kinderen. Je huis, alles, zodat jij de ruimte hebt om je eigen wereld groter te maken, mensen te ontmoeten waar je haar niets over vertelt.’
‘Je weet heus wel dat …’
‘Nee Ray, dat weet ik niet! Je zegt dat Zoë zich laat inpalmen door die man, misschien zelfs wel door die vrouw, maar jij wilt mij klein houden, mijn wereld klein houden. Stel je toch eens voor dat jouw vrouw zich begeeft buiten de paden die jij voor haar hebt uitgestippeld. Jij bent erger. Zoë wil het zelf ook, ik heb nooit gekozen voor een leven binnen jouw regels en grenzen. Jij werkt, je hebt een sloof thuis en interessante ontmoetingen buiten de deur waar jij je niet...’
‘Je weet niet wat je zegt …’
Valerie stapt uit bed, staat met gebalde vuisten tegenover hem.
‘Ik ben niet achterlijk Raymond! Ik ben een volwassen vrouw en de beste jaren van mijn leven gaan op aan het zorgen voor jou, zodat jij carrière kunt maken, interessante mensen kunt ontmoeten, vrouwen…’
‘Ik maak carrière voor jou, zodat jij je leventje van luxe …’
‘Dat is wat jij jezelf wijs maakt! Daar heb ik nooit om gevraagd!’
Haar stem is hoog en schel en de waas in zijn hoofd stapelt zich op zijn boosheid. Hij heeft veel te lang zijn ogen dicht gehouden. Valerie heeft gelijk, voor een deel. Hij vindt het prettig dat ze voor hem zorgt. Het is een verdeling die zo is gegroeid. Zijn carrière … Ze heeft geen carrière, die heeft ze nooit gewild. Trouwen, kinderen, een mooi huis, dat was haar toekomstbeeld. Ze wilde geen carrière. Ze wilde er voor haar kinderen zijn. Ze wilde niet zijn zoals haar ouders die er nooit voor haar waren en altijd druk met hun werk waren.
Hij heeft het haar gegeven en het is niet genoeg. Het is nooit genoeg. Ze zal altijd meer willen, anders. Een nieuwe keuken, ander servies, een ander standje in bed, steeds extremer. Ze heeft niets anders om zich mee bezig te houden. Hij heeft haar verwend en daar gaat een einde aan komen.
‘Je hebt gelijk Val, daar heb je nooit om gevraagd.’
Hij staat op, loopt naar de deur.
‘Wat ga je doen?’
‘Ik slaap op de logeerkamer, ik ben het gewend. Een paar nachten extra maakt ook niet meer uit.’
‘En dan?’
‘Geen idee, vertel jij het me maar, welterusten.’

Onthutst laat Valerie zich weer op het bed vallen. Wat is er zojuist gebeurd? Hij was kwaad op Zoë, niet op haar … Wat zei hij? ‘Ik geloof je niet …’
Wat gelooft hij niet? Wat heeft Zoë hem nog meer verteld en Adnan? Heeft Adnan iets gezegd. Maar er is niets om te vertellen. Niet echt, het betekende niets. De post naar Zoë’s winkel, de pakketjes. Zou Zoë…? Dat zou ze nooit doen. Zoë vindt dat ze het Raymond moet vertellen, maar ze zou nooit … en Adnan ook niet.
Raymond was boos, net als die eerdere keren. De dingen die ze heeft gezegd, ze meende het niet. Ze wilde hem uitdagen, zoals eerder. Het lege, doffe gevoel uit haar hoofd en uit haar lijf. Ze wil voelen dat ze meer is dan wat ze is. Ze wil nog steeds voelen, alles en meer dan binnen haar bereik ligt. Veel meer. Niet alleen maar wat ze kent.
Ze wil voelen wat ze nog niet kent. Alles wat ze nog niet weet

Show Buttons
Hide Buttons