Partnerschap

Het gesprek met haar vader gaat niet helemaal zoals ze verwacht, maar schept haar hoopvol.
Als Zoë akkoord gaat.
Zoë moet akkoord gaan. Ze kan niet meer terug naar de winkel, de schade is te groot en andere panden zijn er niet. Niet voor die prijs. Valerie weet het. Ze heeft het uitgezocht. Zoë zal haar hulp accepteren. Een pand waar ze opnieuw kan beginnen. Ze zouden kunnen kopen. Samen. En Zoë zal haar bij de winkel betrekken. Niet als oppas, maar als collega. Mede-eigenaar. Valerie zal niet meer afhankelijk zijn van Raymond zijn salaris en ze zal verhalen hebben. Andere verhalen dan over de kinderen, over school en de buren. Mensen zullen weten wie ze is.

Voor de zoveelste keer spreekt ze Zoë haar voicemail in. Ze moeten praten. Ze heeft een idee. Een plan dat alles goedmaakt
Valerie rijdt langs haar huis. Zoë haar auto staat in één van de parkeervakken. Ze moet thuis zijn. Ze is thuis. Valerie ziet haar in de woonkamer, gehaast en onrustig. Die man is er ook, hij komt juist van de trap naar beneden. Ze belt toch aan. Zoë zal luisteren naar wat ze te vertellen heeft.
Hij doet open. Hij laat haar niet binnen, maar roept Zoë en zegt dat ze op moet schieten. Met twee volle tassen loopt hij naar buiten. Hij zet ze niet in de auto van Zoë. Het is een andere auto en ook zijn bewegingen zijn gehaast.
Zoë verschijnt bij de deur. Haar gezicht is bleek en ze heeft vermoeide ogen. ’Wat is er Valerie. We hebben haast.’
‘Ga je weg? Waar naar toe? We moeten praten.’
‘Niet nu, ik heb geen tijd.’
Zoë loopt naar buiten, sluit de deur en draait hem in het slot.
‘Wanneer dan? Ik probeer je al dagen te bellen, misschien kun je een keer terugbellen?’
‘Later.’
Zoë wil niet. Valerie voelt het aan alles. Ze duwt haar nog net niet aan de kant, maar ze zou het willen. Het maakt haar onzeker, tegelijk merkt ze dat ze ongeduldig wordt.
‘Ik heb een idee, voor je winkel, zodat je opnieuw kunt beginnen.Wij samen, ik heb geld.’
Zoë kijkt haar glazig aan en schudt haar hoofd.
‘Later Valerie, het komt nu niet goed uit.’
Ze loopt al weg, naar die man bij zijn auto. Valerie loopt achter haar aan en probeert haar tot stilstand te brengen.
‘Laten we dan iets afspreken, ik bel je vanavond, of morgenavond. Je kunt ook naar me toe komen. Je kunt mee eten, blijven slapen ook.’
‘Ik bel jou oké. Ik moet nu gaan.’
Ze stapt in de auto en luistert naar iets wat die man tegen haar zegt. Ze is Valerie al vergeten. De invloed die hij op haar heeft is groot. Ze heeft geen tijd meer voor haar vriendin, die er altijd voor haar geweest is. Die er nog steeds voor haar is.
Valerie wil alleen maar horen dat het goed is, dat ze niet boos is. Niet meer. Dat ze graag haar hulp wil en dat ze er naar uit kijkt om het samen met haar te gaan doen. De winkel zal beter worden als ze het samen doen. Mooier en groter. Voor een breder publiek. Valerie heeft er gevoel voor. Zij weet wat mensen mooi vinden en wat verkoopt. Zoë mist dat inzicht.

Vastberaden trekt ze haar schouders naar achteren. Ze zal haar vader zeggen dat Zoë akkoord gaat. Ze heeft al een pand voor ogen. Het is groot, met voldoende opslag en net buiten de stad. Een mooie plek. Er hoeft niet veel aan te gebeuren. Ze kunnen er direct in. Als Zoë akkoord gaat. Zoë zal akkoord gaan. Zoë is niet in een positie om te weigeren.

Raymond haalt opgelucht adem. Nog een klant met veel noten op zijn zang, maar uiteindelijk heeft hij hem over de streep weten te trekken. Hij kan wel een potje breken tegenwoordig. Nu nog meer. Dit is een grote klant, net als Wouter. Hij moet Wouter bellen. Binnen halen is niet genoeg. Hij moet interesse tonen. Tijd steken in zijn klanten. Ook na werktijd. Hij laat zijn assistent een tafel bij de Italiaan reserveren en zowel Wouter als de nieuwe klant uitnodigen. Vanavond al. Als het niet kan is de reservering zo weer ongedaan gemaakt. Wouter kan ook profijt hebben aan zijn nieuwe klant. Ze zullen hem beiden dankbaar zijn dat hij ze aan elkaar heeft voorgesteld. Een win-win situatie. Iedereen tevreden.
Hij strekt zijn rug en stuurt Valerie een bericht dat ze oppas moet regelen. Hij heeft zakendiner en hij wil dat ze mee gaat. Zijn lijf voelt warm en sterk. Hij herkent het gevoel. Het is niet helemaal hetzelfde, toch lijkt het op elkaar. Valerie geeft hem dat gevoel ook. Groot en mannelijk. Sterk. Het moment dat zijn collega zonder kloppen de vergaderruimte binnenkwam met een korte vraag. Raymond had hem terecht gewezen. Zoals hij een paar maanden geleden nog terecht gewezen kon worden. Het was een onprofessionele houding. Hij zit in een belangrijke meeting. Niet storen, had hij gezegd.
Zijn assistent had hij er later ook van langs gegeven. Iets minder fel. De jongen is nog nieuw en hij doet zijn best. Hij mag fouten maken. Nog wel. Maar het gevoel in zijn lijf is onbeschrijfelijk. Bijna alsof hij klaarkwam, in zijn hoofd. Zwellend en bonzend. Met een geil verlangen naar het echte werk.
Snel kijkt hij naar de klok. Femke en Milan zijn nog een paar uur op school. Weer tikt hij een berichtje naar Valerie.

‘Kom hierheen. Ik heb je nodig. Trek iets zakelijks aan, een rok en hakken.’

Hij zwelt nog meer de gedachten aan zijn plan en wordt hard en heet. Niemand zal hem ooit nog mietje noemen. Hij weet dat het gebeurde, maar niemand zal het nog doen.
Hij grinnikt. Niemand van zijn collega’s heeft een vrouw die komt opdraven zodra hij het vraagt. Raymond heeft wel zo’n vrouw. Hij heeft het lang niet geweten, maar hij heeft zo’n vrouw.

Eerst het bericht dat ze oppas moet regelen, waar ze mee bezig is. Nu het bericht dat hij haar nodig heeft en dat ze iets zakelijks aan moet trekken. Waar kan hij haar in godsnaam voor nodig hebben?
Mopperend kleedt ze zich om. Ze kan niet eens zeggen dat ze het druk heeft. Hij zal vragen wat ze aan het doen is. Ze kan zo snel niets verzinnen. Valerie heeft het niet druk. Het huis en haar kinderen. Er is geen winkel meer om in te helpen. Raymond kent haar ritme, haar hardlooprondje en de dagen dat ze naar de sportschool gaat. Altijd vroeg in de ochtend.
Terwijl ze zich omkleedt belt ze haar buurmeisje. Ze heeft vaker opgepast en zegt bijna altijd ja. Vanavond kan ze niet, wat maakt dat Valerie geen opties meer heeft. Voor haar ouders is het te kort dag, de ouders van Raymond wonen te ver weg voor een avondje oppassen en Zoë kan ze niet bellen. Raymond bedenkt maar iets en als dat niet lukt dan is het jammer. Hij moet niet denken dat hij haar op kan laten draven wanneer hij daar behoefte aan heeft. Zo’n vrouw is ze niet.

Ze komt binnen in de grote ruimte waar ze het bureau van Raymond weet. Ze is hier een paar keer geweest. Niet vaak, ze heeft hier niets te zoeken. Het is Raymond zijn domein. Zijn verhalen zijn genoeg om zich een voorstelling te maken. Cijfers, grote financieringen voor even zo grote bedrijven. De wereld van Raymond. Niet die van haar en dat wil ze graag zo houden.
Ze vraagt een jonge vrouw naar Raymond en wordt de andere kant op gewezen, weg van de grote ruimte en vaag herinnert ze zich dat hij vertelde dat hij nu een eigen kantoor heeft. Dat hij meer waarde heeft gekregen voor het bedrijf. Een brede gang met deuren aan weerszijden, kleine bureau’s met jonge mensen ervoor. Naambordjes op de deuren. Ze zoekt die van Raymond en vindt het bordje bij de derde deur.
‘Raymond Maertens, financieel adviseur.’
Ze vraagt zich af of hij altijd adviseur is geweest en waarom ze eigenlijk geen flauw idee heeft van wat hij doet. Achter haar schraapt iemand zijn keel.
‘Kan ik u misschien helpen?’
‘Ik heb een afspraak met Raymond.’
‘Met mijnheer Maertens … uw naam?’
De magere jongen klikt een scherm op zijn computer open en kijkt haar vragend aan.
‘Valerie Maertens. Ik ben zijn vrouw.’
Vreemd genoeg doet het iets in haar buik. Raymond is belangrijk genoeg om mensen niet zonder meer toegang te geven tot zijn kantoor.
De jongen stamelt ongemakkelijk.
‘Het spijt me, ik wist niet dat … Wilt u koffie, thee?’
‘Koffie, lekker, kan ik doorlopen?’
‘Natuurlijk.’
Ineens voelt ze zichzelf belangrijk. Het komt door de ogen van die jongen. Ze moet Raymond vragen wie hij is en sinds wanneer heeft hij een assistent. Is hij echt zo belangrijk?

Raymond komt naar haar toe als ze binnen komt en steekt even zijn hoofd buiten de deur van het kantoor.
‘Ik wens niet gestoord te worden Jeffrey, kan ik daar van op aan?’
Jeffrey krijgt een kleur en knikt.
‘Natuurlijk mijnheer Maertens. Ik zal zorgen dat u niet gestoord wordt.’
Valerie wacht tot Raymond de deur heeft gesloten en zet haar tas op zijn bureau. Het is een kaal kantoor, te groot voor de weinige meubels. Ze glimlacht als ze de foto’s van haar en die van de kinderen op zijn bureau ziet staan.
‘Je moet het hier wat leuker aankleden, een bank of zo en wat planten.’
Hij zoent haar en duwt zijn tong in haar mond. Zijn handen schuiven haar rok omhoog. Valerie probeert hem weg te duwen.
‘Jemig Ray, moest ik daarom komen. Heb je me daarvoor nodig?’
Hij grinnikt.
‘Precies Val, alleen maar daarvoor, ik ben geil. Doe je blouse open.’
Ze begint sneller te ademen als ze zijn gezicht ziet. Er dansen ondeugende lichtjes in zijn ogen.
‘Maar je collega’s, die jongen en de deur is niet op slot.’
‘Geloof me, Jeffrey zal zorgen dat er niemand binnen komt, hij weet wat ik van hem verwacht.’
‘Heb je hem verteld dat …’
‘Nee, natuurlijk niet.’
‘Maar …’
‘Stil Val, gewoon genieten. We hebben niet veel tijd. Je moet Femke en Milan ophalen.’

Ze laat het over zich heen komen en knoopt haar blouse los. De grote ramen bieden uitzicht over de stad met daarachter de brede rivier. Ze kan het park zien. Kleine, bewegende poppetjes in het groen. Als ze omhoog kijken …
‘Kunnen mensen ons zien?’
‘Maak je geen zorgen. Niemand kan ons zien.’
Hij hijgt in haar oor en heeft haar rok al tot haar middel opgestroopt, haar slip naar beneden. Al zoenend duwt hij naar het raam.
‘Kijk maar, zelfs als ze omhoog kijken niet.’
Het kantoor aan de overkant staat leeg. Grote pamfletten met gele letters hangen op de ramen. Te Huur.
Raymond heeft niet gelogen. Hij is geil, ze voelt hem tegen haar billen. De gedachte dat hij naar haar verlangt, ook als ze er niet is. Met een zucht kantelt ze haar bekken. Hij mag haar hebben zoals hij wil. In zijn kantoor, met een deur zonder slot en zijn collega’s aan de andere kant van de muren. Een jaar lang, elke dag. Vanavond kan Valerie vroeg naar bed. Alleen.

Show Buttons
Hide Buttons