Ongeduldig

Na die eerste ontmoeting hoort ze weinig van hem. Te weinig. Iedere keer dat ze een berichtje krijgt veert ze nerveus overeind, iedere keer dat hij het niet is zakt ze teleurgesteld weer terug. Ze krijgt het idee dat hij haar aan het lijntje houdt, dat ze hem misschien toch is tegengevallen in dat korte moment. Ze wil hem vragen wanneer ze hem weer ziet, maar durft niet. Het zou ook niet nodig moeten zijn, dat is in elk geval wat ze denkt. Ze weet het niet.
Uit haar werk gaat ze sporten met Vleer. Ze wil haar vragen wat zij vindt, maar doet het niet. Ze is bang dat Vleer hem uit haar hoofd probeert te praten. Ze is ook bang dat Vleer haar raar vindt.
Na het sporten blijft ze niet hangen. Ze wil naar huis.
Ergens is het dubbel. Dat ze weinig tot niets van hem hoort, maakt haar rustig. Het verlangen verdwijnt naar de achtergrond en ze vervalt in haar normale routine, wat ze ook prettig vindt. Tegelijk verlangt ze naar het verlangen, de onrust die hij bij haar veroorzaakt.

Thuis ligt ze languit op de bank voor de tv terwijl ze de koude macaroni van de vorige avond eet. Ze zapt zonder echt te zien waar ze naar kijkt en na een uur verhuist ze naar haar bed. Haar telefoon legt ze op de lader en ze ziet dat ze een berichtje heeft. Niets bijzonders, het is maar één woord, maar zodra ze ziet dat het van hem is, stuitert ze zowat uit haar bed.
‘schatje?’
Hij vraagt haar of ze andere mannen aan het plagen is en ze reageert verontwaardigd. Hij noemt haar saai en het verward haar. Waarom is dat saai?
‘Ik heb iets speciaals voor je schatje.’
Ze wacht tot hij haar verteld wat het is, stuurt hem twee keer een vraagteken. Hij blijft weer stil.
Gefrustreerd gaat ze liggen. Wat wil hij nou van haar!?
Eigenlijk is ze het zat om maar een beetje bangig af te wachten. Ze heeft al een eerste stap gezet, en hij weet dat ze wil. Hij weet ook dat het aan hem is.
Ze laat hem weten dat ze de komende avonden geen plannen heeft, misschien kunnen ze ergens een kop koffie drinken? Vanaf dat punt ziet ze wel, ze wil ook niet teveel weten, is bang dat ze terugkrabbelt. Alweer.
‘Leuk, maar daar heb jij niets over te zeggen!’
Weer blijft het stil. Zoë wacht, gaat liggen, stuurt hem dan toch weer een berichtje.
‘Wat wil je dan?’
Geen antwoord, ze doezelt een beetje weg zonder echt te kunnen slapen, schrikt op als hij haar ruim een uur later weer een bericht stuurt.
‘Ik wil je vannacht!’

Zoë realiseert zich dat hij nu een spelletje met haar speelt. Ze vraagt hem waar, maar hij negeert haar vraag, stelt op zijn beurt vragen die haar zenuwachtig maken.
Wat haar meest extreme fantasie is?
Of ze het ooit met een vrouw gedaan heeft?
Met meerdere mannen tegelijk?
Of er dingen zijn die ze nooit zou doen?
Met meerdere mannen en met een vrouw zijn maar twee van de dingen die ze nooit zou doen.
Ze wil dat hij zegt wat het gaat worden, waar hij haar wil hebben. Als het dan vannacht moet dan wil ze het weten. Op dit moment durft ze nog, straks misschien niet meer.

Hij laat haar toch wachten. Ze ziet het later en later worden en gaat uit bed. Ze neemt koffie, gaat onder de douche, neemt nog een keer koffie en net op het moment dat ze hem wil laten weten dat ze gaat slapen, stuurt hij weer een berichtje.
‘Waar ben je nu?’
Waar denkt hij dat ze is!? Ze is gewoon thuis, en nog even en dan heeft ze helemaal geen plannen meer, niet voor vannacht. Ook niet met hem.
‘Kom naar het park. Je hebt een half uur.’
‘Het is midden in de nacht!’
‘Binnen nu en een half uur. Wat heb je aan?’
Ze heeft geen zin in een kledingvoorschrift. Ze draagt wat ze wil dragen, niet wat hij haar zegt te dragen. Toch vertelt ze wat ze aan heeft. Ze krijgt er geen bijzondere reactie op.
‘Binnen een half uur.’

Ze frist zich nog even snel op, poetst haar tanden en verwisselt haar oude joggingbroek voor een jeans. Ze heeft helemaal geen half uur nodig. Eigenlijk is het te lang en ze wil juist geen tijd. Niet teveel nadenken. Ze wil gewoon doen. Hem laten doen en volgen.

Show Buttons
Hide Buttons