Gebruikt

Zoë voelt zich verdooft. Toen Norman klaar met haar was en zijn geilheid was bevredigd, had hij haar laten liggen. De tranen op haar gezicht negeerde hij. Vanuit de deuropening had hij nog even naar haar gekeken. Niet lang. Hij voelde dat hij weer geil werd en dat hij nog veel meer met haar zou kunnen doen. Hij liet haar. Voor één avond was dit genoeg. Hij had nog veel meer voor haar in petto en ze zou hem ver laten gaan. Hij kon alles met haar doen, dat wist hij zeker, maar voor vanavond was het genoeg.
‘Ik kom er wel uit. Slaap lekker teefje.’
Zoë had zich omgedraaid, haar gezicht naar de muur, haar lichaam opgerold tot een bal en had de dekens over zich heen getrokken. Ze was in slaap gevallen voor ze deur beneden dicht hoorde gaan.

Nu heeft ze een hoofd vol met watten. Leeg, tegelijk overvol. Ze staat op en voelt haar lijf. Pijnlijk en beurs. Geschokt kijkt ze naar de blauwe plekken op haar borsten, aan de binnenkant van haar dijen. Als ze opstaat voelt ze elke spier. In haar buik, haar armen, haar benen.
In de badkamer plast ze, probeert ze te plassen. Het duurt lang en als het dan komt, brandt het een beetje. Ze legt haar handen op haar gezicht.
In de spiegel ziet ze de plekken in haar hals, ook dat schokt haar. Tegelijk denkt ze terug aan het gevoel dat de druk van zijn vingers veroorzaakte. Het is vreselijk dubbel. Aan de ene kant wil ze dat gevoel. Het nerveuze, het niet weten wat hij precies gaat doen en zich laten sturen, hem laten bepalen. Maar ze wil het niet zo. Ze was bang, echt bang. Hij was niet gevoelig voor haar nee, haar duidelijke signalen dat ze niet wilde. Was ze wel duidelijk? Ze was klaargekomen. Ze was hard klaargekomen. Dat gebeurt toch niet als ze niet wil?
Maar ze wilde echt niet. Hij kan zeggen dat hij bepaalt, uiteindelijk bepaalt zij, toch? Als ze niet wil, hij kan haar niet dwingen. Hij heeft haar wel gedwongen. Ze was niet duidelijk. Ze is nu nog steeds niet duidelijk. Haar hoofd is geschokt, haar lijf ook, maar op een hele andere manier. Ze wilde niet. Niet zo gemeen en zo hard… maar toch…
Ze stapt onder de douche en probeert alle tegenstrijdigheid van zich af te spoelen en haar hoofd helder te maken. Het lukt niet. Alles in haar verrast haar, schokt haar tegelijk. Het is te vergelijken met het gevoel dat ze kan hebben als ze een hele mooie, oude kast voor weinig op de kop heeft weten te tikken. Of met het gevoel als ze door de pijn en vermoeidheid heen is blijven sporten. Dan doet haar lijf ook pijn en is haar hoofd licht. Tegelijk is ze een beetje euforisch. Wat ze nu voelt lijkt er op, een beetje. Ze begrijpt het niet.

Ze ruimt de logeerkamer op, haalt het bed af. Het donkerblauwe jurkje ligt als een oud vod in de keuken op de grond. In het voorpand zit een kleine scheur, net naast de naad. Ze kan het maken, maar ze kan het niet meer terughangen in de winkel. Niemand zal het willen kopen, en ze wil het ook niet meer verkopen. Het is besmet, besmet door wat Norman heeft gedaan, door wat zij hem heeft laten doen

Voor ze naar de winkel vertrekt draait ze een paars sjaaltje om haar nek. De plekken zijn duidelijk zichtbaar en ze wil niet dat anderen het kunnen zien. Ze heeft al het gevoel dat ze zo doorzichtig is als glas vandaag.
Wat zal Vleer zeggen als ze over gisterenavond verteld?
Zoë schudt haar hoofd. Ze gaat het haar niet vertellen. Ze weet al wat ze gaat zeggen en ze zal gechoqueerd zijn, veel meer dan ze zelf is.
Ze zal niet begrijpen dat ze zich heeft laten gebruiken.
Is dat wat het is?
Voor de spiegel in de gang staat ze stil. Heeft ze zich laten gebruiken? Als een ding, een voorwerp zonder stem of eigen wil? En wil ze dat? Wil ze dat echt?
Dat wil ze niet. Ze wil hem laten doen, dat wel, maar ze heeft het gevoel dat het anders zou moeten gaan. Niet zoals het ging. Ze heeft alleen geen flauw idee hoe dan wel.

Show Buttons
Hide Buttons