Het verschil

Zijn mond ligt op die van haar en zijn hand stevig rond haar keel. Er is niets anders meer dan dat en het gevoel in haar lijf en haar hoofd. Hij had gezegd dat hij haar vanavond geen pijn zou doen, maar hij trekt hard aan haar tepels en laat zo plotseling los, dat ze een kreet niet kan onderdrukken. Het gevoel in haar buik valt samen bij iedere ruk die hij geeft en spat uit elkaar op het moment dat hij zijn handen rond haar keel drukt en zijn mond over die van haar legt. Hij slaat haar een paar keer in haar gezicht, Ze schrikt en kijkt hem met grote ogen aan. Hij trekt aan haar tepels en laat los. Ze doet haar ogen dicht, voelt zijn handen en zijn mond. Hij herhaalt. Brandende pijn die geen pijn is, klimt omhoog in haar buik tot het weer loskomt. Nog meer pijn. Haar ogen schieten open
Ze voelt het gestolde kaarsvet breken en loskomen van haar huid onder haar bewegingen. Ze wil meer. Ze wil dat hij stopt en uiteindelijk kan ze alleen maar huilend haar hoofd schudden.
Hij houdt haar vast en laat haar huilen. Koud water loopt langs haar nek en de verhitte huid van haar borsten als hij haar laat drinken. Voorzichtig maakt hij het touw rond haar enkels en polsen los en hij slaat beschermend zijn armen om haar heen.
Hij helpt haar van de stoel en ondersteunt haar als ze tegen hem aan de trap op loopt, door de keuken en naar boven. De tegels van de badkamer voelen kil onder haar voeten. Ze schokt als warm water over haar lichaam spoelt en begint weer te huilen.
Minggus wast het kaarsvet van haar lijf, droogt haar af en brengt haar naar haar kamer waar hij haar in bed legt. De extra deken uit de kast legt hij over haar heen. Ze rilt en huilt. Hij gaat tegen haar aan liggen en houdt haar vast tot het rillen stopt en het huilen overgaat in een rustige ademhaling.
Zoë slaapt en voorzichtig laat hij haar los. Hij kijkt naar haar. Hij wist dat ze er gevoelig voor zou zijn. Hij had niet verwacht dat ze er zo heftig op zou reageren en hij vindt het prettig.
Het veroorzaakt ook bij hem een roes en het is een roes die hij vast wil houden.
Even kijkt hij nog naar Zoë, dan sluit hij voorzichtig de deur en loopt weer naar beneden. Saya zal nog wakker zijn.

Janaila ligt op haar rug op haar bed. Het boek ligt opengeslagen op haar buik. Ze heeft niet gelezen. Vanaf het moment dat ze de twee autoportieren dicht had horen slaan, waren haar oren gespitst naar alle geluiden uit het huis. Ze hoorde zijn stem. Die van haar ook, zacht en iets hoger. Ze hoorde ze op de gang en kon woord voor woord verstaan wat werd gezegd.
Ze vindt Minggus wreed dat hij Zoë mee naar huis neemt en van haar verwacht dat ze op haar kamer blijft. Het is niet eerlijk. Zij was hier eerst en dit is ook haar huis. Ze hoeft niet te weten wat hij allemaal met haar doet, dat ze er naar moet raden is al erg genoeg.
Ze hoorde wat hij zei over zijn werkkamer en haar eigen slaapkamer. Verboden terrein voor Zoë.
En de rest van het huis? Geeft hij haar ook een kamer? De logeerkamer, waar hij vandaag zo druk mee was? Blijft ze hier slapen? Bij hem in bed? Moet ze alles voortaan delen met Zoë.
Ze hoorde hem weer alleen naar beneden komen, wat later Zoë ook en ze moest zich beheersen om niet te gluren. Ze wilde met eigen ogen zien of het waar was, of Zoë haar plek in zou gaan nemen. Zijn kajira. Omdat hij niet tevreden is over Janaila.

Het bleef lang stil gebleven en ze wist dat ze in kelder waren. Misschien vertelde hij Zoë alleen maar zijn verhalen. Hij kent er veel en hij kan goed vertellen. Zijn stem werkt hypnotiserend.
De vage kreten die ze hoorde deden pijn in haar borst. Het zouden haar eigen kreten kunnen zijn. Wat deed hij bij haar? Meteen alles of net als bij haar in het begin. Rustig kijken wat ze aankon en hoe ver hij kon gaan. Ze hoopt dat hij alles doet, meteen. Zoë zal hier nooit meer terug willen komen. Ze weet dat hij het niet zal doen en dat hij Zoë echt in zijn leven heeft gehaald, misschien wel voorgoed.
Ze hoorde Zoë horen huilen en zijn stem was geruststellend en warm, precies zoals hij ook tegen haar kan praten. Toen ze langs haar kamer kwamen, keek ze toch even stiekem. Ook dat had een steek in haar borst veroorzaakt. Zoë zag eruit als een gewond vogeltje en hij hield haar vast en keek liefdevol op haar neer.
Ze weet dat het dat ook is. Iemand kunnen beschermen, zoals hij haar ook beschermd en daar mag hij alles voor terug vragen. Hij mag ook verwachten dat hij het krijgt. Van haar en nu ook van Zoë

Het duurt lang voor ze weer wat hoort en haar gedachten gaan met haar aan de haal. Ze ziet Zoë in het bed van haar Meester en in de ontvangende positie. Open en zonder schaamte. Hij zal niet meer naar haar toe komen en ze zal alleen slapen vannacht. Zoë heeft haar plek al ingenomen en het zal niet lang duren voor Minggus haar helemaal niet meer nodig heeft.

Twee zachte klopjes geven haar de gelegenheid om in positie te gaan zitten, wat ze meteen doet. De deur gaat open.
‘Nog wakker Saya?’
‘Natuurlijk, dat weet U toch.’
Hij knikt, sluit de deur en gaat op het bed zitten.
‘Heb je kunnen lezen?’
Ze schudt haar hoofd. ‘Niet echt.’
‘Waarom niet?’
‘Ik vind het niet leuk dat Zoë hier komt.’
‘Dat snap ik.’
‘Waar is ze nu?’
‘Ze slaapt.’
‘In de logeerkamer?’
‘In haar kamer Saya.’
‘Dus ze komt hier nu vaker.’
Minggus knikt. ‘Veel vaker.’
‘Heeft U haar over mij verteld?’
‘Ze weet toch wie jij bent?’
‘Wat ik van U ben?’
‘Morgen … ze zal het snel genoeg merken en ze zal vragen stellen. Ze stelt veel vragen. Wij zullen haar vragen beantwoorden.’
‘Wij?’
‘Ja, wij Kajira Saya, samen.’
‘Misschien wil ze dan niet meer.’
‘Dat denk ik niet.’
Minggus weet het zeker. Zoë zal haar bedenkingen hebben en heel veel vragen, maar hij heeft het gezien. Dit is wie ze is en hij kan haar trainen, zodat ze groeit, net als Janaila is gegroeid. Zoë zou een Kajira kunnen zijn en voorlopig is ze de zijne.

Hij staat op, helpt Janaila opstaan en geeft haar een zoen op haar voorhoofd.
‘Tijd om te gaan slapen Saya, het is al laat.’
‘Mag ik niet bij U?’
‘Nee, niet vanavond. Dat zou niet kloppen.’
‘Ik wil het.’
Hij kijkt haar met opgetrokken wenkbrauwen aan.
‘Sinds wanneer is dat belangrijk?’
‘Ik wil U laten voelen dat ik van U ben en dat U mij nodig hebt.’
‘Ik weet dat je van mij bent. Ik weet ook dat ik je nodig heb Saya, hoe zou ik dat kunnen vergeten.’
‘Laat het me bewijzen. Laat me bewijzen dat ik beter ben dan Zoë, dat ik U beter kan ontvangen.’
Even is Minggus verbluft en hij ziet haar ogen. Jaloers en vastbesloten.
‘Mijn lieve Janaila. Ik wil niet dat je mij ontvangt vannacht en misschien heb je mij niet goed begrepen. Zoë zal mij niet ontvangen. Nooit. Wat ik met haar doe dat hoef je niet te weten, maar Zoë zal mij niet ontvangen. Dat mag alleen mijn Kajira en dat ben jij.’
‘Maar Zoë …’
‘Alleen jij Janaila.’
‘Laat mij dan … Als Zoë U niet heeft mogen ontvangen. U verlangt er wel naar, dan is het af en blijft ze niet …’
‘Janaila!’
Ze houdt haar mond en slaat haar ogen neer.
‘Je bent aan het drammen, als een klein kind. Je slaapt niet bij mij vannacht en je mag nadenken over je straf voor je gedram. Je kunt het me morgen vertellen, wanneer ik Zoë naar huis heb gebracht. Duidelijk?’
‘Ja.’
‘Ja wat!’
‘Ja Meester.’
‘Ga slapen, ik zal je wekken zodat je me kunt scheren morgen. Welterusten.’
De deur valt zacht achter hem dicht en Janaila laat zich op het bed vallen. Ze trekt de dekens over haar blote schouders. Ze had willen zeggen dat Zoë dan niet in zijn hoofd zou blijven zitten vannacht, dat hij haar los kon laten en zonder gedachten aan haar kon gaan slapen, met een leeg hoofd. Ze zou het niet erg vinden, dat weet ze zeker.
Ze is zijn Kajira. Ze doet alles voor hem.

Show Buttons
Hide Buttons